De opleiding tot huisarts: waar het hart van de zorg gevormd wordt

Wanneer we denken aan gezondheidszorg, komen vaak ziekenhuizen in beeld: grote gebouwen, drukke afdelingen, indrukwekkende technologie. Maar voor al die complexiteit klopt een hart dat vaak minder zichtbaar is: de huisarts.

Het is de huisarts die patiënten van jongs af aan begeleidt, die klachten opvangt nog voor ze ernstig worden, en die vaak het eerste luisterend oor biedt. Zonder dat hart zou de rest van ons zorgsysteem niet functioneren.

Meer dan ooit nodig

Dat steeds meer jonge artsen kiezen voor huisartsgeneeskunde, is dan ook goed nieuws. In 2009 volgden amper 253 artsen de tweejarige interuniversitaire opleiding in Vlaanderen. Vandaag, 1 oktober 2025, volgen net als vorig academiejaar meer dan 1100 artsen de driejarige opleiding. Een flinke toename in zestien jaar tijd.

Die groei is geen toeval. Jonge artsen voelen dat de huisartsgeneeskunde de kern van zorg is. In een bevraging door het ICHO gaven ze aan dat de langdurige band met de patiënt, de brede variatie aan aandoeningen en problematieken, de autonomie en de holistische zorg de doorslaggevende factoren voor de keuze van de opleiding waren. Een afgestudeerde huisarts zei het zo:

“In het ziekenhuis voelde ik me een radertje in een grote machine. Als huisarts kan ik mezelf zijn en echt een verschil maken in het leven van mijn patiënten.”

Zorg die blijft plakken

Niet alleen de instroom is positief, ook de tevredenheid is opvallend hoog. Uit dezelfde bevraging bleek dat het overgrote deel van de huisartsen die de opleiding afronden, actief blijft in het vak en dezelfde keuze opnieuw zou maken. De band met de patiënt, de variatie in het werk en de vrijheid om de praktijk zelf vorm te geven, blijken geen loze beloftes maar realiteit.

Of zoals een jonge huisarts het samenvatte:

“Ik heb de kans gekregen een lange studie te doen, en nu geef ik iets terug – terwijl ik tegelijk de mooiste job ter wereld mag doen. Zalig!”

Het hart versterken

De huisartsgeneeskunde bewijst dat ze niet alleen aantrekkelijk is, maar ook duurzaam. Dat is cruciaal voor de toekomst van onze zorg. Want hoe sterk ziekenhuizen, specialisaties en nieuwe technologieën ook zijn: zonder een krachtig hart klopt het systeem niet.

Daarom is het essentieel dat we blijven investeren in de opleiding van huisartsen: met voldoende opleidingsplaatsen, een goede begeleiding vanuit de academische centra en het werkveld, en de juiste beleidsaandacht. Alleen zo blijft dat hart krachtig kloppen – voor patiënten, voor de zorgsector én voor de samenleving.

Directie ICHO
(Ann Gils – Janique Lobbestael – An Stockmans)

*resultaten van en citaties uit een bevraging bij 772 huisartsen die tussen 2014-2023 afstudeerden georganiseerd werd door het ICHO en plaats vond in mei 2024